Poëzieweek 04

Gestampte versjes
(voor braun en pound)

waaraan je ziet hoe
het getimmerd, hoort hoe!
’t klinkt, waar ‘t
wringt

in wording werkt die vent
en vormt de regels over
tredend, scheppend wat
hij nog-niet…

weet, heet:

zachtzijden spandoeken: hoop
noch vrees in flarden
oh gedumpte hoeren
tent, zoetzuur beleg
van Eleusis

dicht hardnekkig voort, denkt mee
slepend – trial, error, metra
stampend

in woede werd zo
toch iambe verdicht:

jij HOER! jij DEL! jij SLET!

*

braun en pound – de dichters Volker Braun en Ezra Pound.
nog-niet – Ernst Bloch: “Noch-Nicht”
zachtzijden spandoeken – een variant op de slotregel Silk tatters, ‘Nec Spe Nec Metu’ van Ezra Pound’s Canto III (Flarden zij, ‘Nec Spe Nec Metu’ in de vertaling van H.C. Ten Berge, 15 Cantos, Amsterdam 1970). Hier, in deze Gestampte versjes ook een verwijzing naar de Oost-Duitse spandoeken, die vroeger voortijdig het zijïg moois van de socialistische toekomst verkondigden: toen al vervuild, verkreukeld en verscheurd.
iambe – dienstmaagd aan het hof van de koning van Eleusis, die de godin Demeter, rouwend om haar ontvoerde dochter Persephone, met schuine moppen weer aan het lachen kreeg. De jambe wordt daarom traditioneel met spotverzen geassocieerd, zo ook de pornografische spotgedichten op het Iambos-feest in de Dionysos- en Demetercultus. zoetzuur beleg – voor wie niet bekend is met de eigenaardige Nederlandse ontbijtgewoontes: ‘gestampte muisjes‘ bestaat uit gemalen strooisel met anijssmaak dat op brood en beschuit gegeten wordt. Het strooisel voor  ‘beschuit met muisjes‘ bestaat uit ongemalen ronde, gekleurde korrels en wordt traditioneel gepresenteerd bij geboortes: roze muisjes bij de geboorte van een meisje, blauwe muisjes bij de geboorte van een jongen. Zoetzuur is het beleg door de neergang van de cultus op Eleusis: prostitutie, olieraffinage, vervuiling.
Eleusis – beide dichters, Pound en Braun, verwijzen naar het antieke en hedendaagse Eleusis in Griekenland. Braun in zijn Traumata Canto (Wilderness, 2014): Eleusis / olijfbomen en mysterieën, volgestampt / bedolven onder raffinaderijen. En Pound in zijn usura-gedicht, Canto XLV: They have brought whores for Eleusis…
jij HOER! – een andere versie van het ontstaan van de jambe had dichter en lyriek-docent Georg Maurer, leraar van de Saksische Dichtersschool. Bij diens dood in 1971 schreef z’n leerling Rainer Kirsch een gedicht waarin die verhaalt hoe Maurer bij zijn studenten het jambe-metrum er letterlijk instampte met het verhaal dat de Griekse dichter Archilochos van Paros (wrsch. 680 – 645 v. Chr.) uit woede de jambe “uitvond” toen zijn schoonvader in spe hem z’n dochter weigerde. Stampend met zijn voet en de vuist omhoog stotend deed Maurer dat voor ◡ — ◡ — ◡ — : Jij HOND! Jij BEEST! Jij ZWIJN!

*

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s